Wisselcolumn

"Alleen"

De dood van mijn vader in mijn vroege jeugd heeft gemaakt dat ik iemand werd die alles aankon maar tegelijkertijd raakte ik mijn vermogen om anderen te vertrouwen bijna helemaal kwijt.

Sterk ben ik, moet altijd maar sterk zijn, doorgaan, altijd maar doorgaan en niet stilstaan, nee vooral niet stilstaan. Ik wil niet ingehaald worden door mijn verleden, die pijn is niet te verdragen.
Ik vind het moeilijk te erkennen, dat de dood van mijn vader een grote invloed heeft gehad op de rest van mijn leven. Maar dat dat zo is mag ik niet langer ontkennen, ik ben niet voor niets volledig vastgelopen afgelopen winter.

Toen mijn vader stierf was ik een kind van zeven jaar, bijna acht. Op geen enkele manier was ik voorbereid op de pijn en de omvang van dit verdriet. De dood van mijn vader had als direct gevolg dat ik alles en iedereen ben kwijtgeraakt: mijn vier zussen bleken mijn halfzussen te zijn. Mijn vader was eerder getrouwd geweest en zijn vier dochters zijn bij de scheiding aan hem toegewezen.
Mijn zussen liepen na een hoogslaande ruzie met hun stiefmoeder, mijn echte moeder, weg van huis. Daarmee verloor ik elke vorm van contact met hen en de familie van mijn vader, dus alle tantes, ooms, neefjes en nichtjes. Alle tastbare herinneringen aan mijn vader werden in één klap weggevaagd. Mijn vader bestond niet meer, het voelde alsof ik ook niet meer bestond.
Ik was alleen, absoluut alleen in die tijd. Ik bleef achter met mijn moeder. Zij was op geen enkele manier in staat mij te bevestigen in mijn bestaan. Integendeel zou ik haast willen zeggen. Ik wil haar niet haten, ze is toch mijn moeder. Het is niet te geloven: ergens voel ik mij op de een of andere manier verantwoordelijk voor haar frustraties en de mislukkingen in haar leven. Maar God, wat heeft zij met mij gedaan? Ze heeft zo ontzettend veel kapot gemaakt, ik ben zó beschadigd. En waarom? Wie kan mij vertellen waarom? Is zij zelf beschadigd in haar jonge leven? Kon zij mij daarom niet troosten, geen liefde geven? Eigenlijk kun je wel stellen, dat ik ook mijn moeder ben verloren; niet door de dood maar door het leven. Ik weet niet wat erger is.

Ze is hertrouwd, mijn moeder. Mijn stiefvader ervaar ik zelfs op de dag van vandaag nog als een nachtmerrie. Ik wil niet haten maar hem haat ik uit de grond van mijn hart. Dat is alles wat ik over hem te zeggen heb. Om te kunnen overleven heb ik in die jaren een strategie ontwikkeld waarmee ik mezelf kon verdoven. Ik ontwikkelde een eetstoornis, die jarenlang heeft standgehouden. Pas op het moment dat ik besefte, dat deze strategie een reële levensbedreiging vormde, heb ik het kunnen stoppen. Op eigen kracht, ik doe immers altijd alles alleen.

Ik heb nu al jaren geen contact meer met mijn moeder terwijl ze nog geen vijfhonderd meter bij me vandaan woont. Ik kom haar nog wel eens tegen en als dat gebeurt voel ik me weer dat kind.
Zo bang, zo vreselijk bang en alleen, het is niet te beschrijven.

Ik ben zelf moeder van twee kinderen, zij zijn alles voor mij. Maar in hun opvoeding kom ik mezelf steeds weer tegen. Het gemis, de pijn ... Het gevoel iemand te zijn zonder profiel, ondergrond, achtergrond draag ik altijd met me mee, waar ik ook ben en waar ik ook ga.
Ook in mijn relatie ondervind ik problemen. Zo heb ik er moeite mee mezelf te geven of dingen te vragen. Liever doe ik alles alleen. Dat is immers de enige zekerheid die ik heb meegekregen bij mijn geboorte:

ik ben alleen maar geboren
om alleen gelaten te worden
en komt het moment dat
ik de wereld ga verlaten,
weet ik zeker dat ik dat
alleen en in mijn eentje
moet gaan doen ...

Ellen, 42 jaar, 7 toen zij haar vader verloor.

November 2003

Naar wisselcolumn index