Ervaringsverhalen

Ineke (57)

Ik ben Ineke, een vrouw van 57. Mijn moeder overleed toen ik 5 jaar was. Waaraan zij is overleden heb ik pas een paar jaar geleden durven vragen. Zij heeft nog een jaar ziek thuis gelegen nadat de dokter haar nog maar enkele weken had gegeven. Ik ben één van een tweeling en mijn zus en ik vormden het sluitstuk van 12 kinderen. Wat ik nu aan het verwerken ben (sinds ruim twee jaar) is niet alleen het verlies van mijn moeder, maar ook en vooral het verlies van veiligheid en de emotionele chaos waarin ik/wij zijn opgegroeid. Als het gezin altijd geprezen wordt omdat iedereen toch zo goed terecht is gekomen is het heel moeilijk om voor de dag te komen met het feit, dat je het leven niet aan kunt. En volgens de oudere broers en zussen hadden wij er niet eens wat van gemerkt. Bovendien leunde ik op mijn tweelingzus die de sterkere was.
Qua beeld herinner ik me mijn moeder eigenlijk alleen als een figuur in bed. Wij zijn van haar ziekte en dood weggehouden, omdat de kleintjes er geen weet van mochten hebben. Toen mijn vader na 2 jaar hertrouwde, omdat er een moeder voor de kinderen moest komen, werd de weg naar mijn eigen moeder eigenlijk helemaal afgesneden. Mama werd doodgezwegen en moe was nu onze moeder. Het werd een situatie van veel conflicten en tussen de verschillende loyaliteiten doorzeilen. Gevoelsmatige herinneringen aan "mama" zijn pas bovengekomen na de dood van mijn vader en mijn tweede moeder. Toen pas kon dat. Ik was toen 30 en had al een paar jaar therapie en een opname achter de rug, maar aan een rouwproces was ik nog niet toe.

Toen een paar jaar geleden iemand die ik vertrouwde me na conflicten in de steek liet, begon de grond onder mijn voeten weg te zakken en uiteindelijk stortte ik in. Het was me duidelijk, dat de enorme pijn en woede niet in relatie stonden tot wat er concreet gebeurd was. Vanaf dat moment ben ik met behulp van een therapeute gericht gaan werken aan het verlies van mijn moeder en alles wat daar mee samen hing. De manier waarop heeft zichzelf een beetje gewezen. Een week na het kennismakingsgesprek bij de therapeute droomde ik, dat ik met een klein kind in bed lag dat alsmaar huilde. Toen was er iemand die tegen mij zei: "Waarom tróóst je haar niet?". Ik probeerde het, maar kon het niet; ik wist niet hoe dat moest. Die droom heb ik uitgewerkt door middel van Gestalttherapie. Dat is ook de basis geworden voor het rouwproces: het kleine kind in me erkennen en leren het veiligheid te geven. Pas daarna kon ik de pijn en het verdriet toelaten.

Nu begin ik therapeutisch gezien aan een soort van afronding. Ik maak daar geen haast mee, maar bouw geleidelijk af. Als afsluiting wil ik een boekje maken met gedichten en foto's van beeldjes en tekeningen die ik gemaakt heb. De begintekst is voor mij het begin van de afronding.

Ik heb een lange weg gegaan,
een cirkelgang door verleden en heden
zodat uiteindelijk een weg naar de toekomst kon ontstaan.

Ineke, januari 2003

Naar ervaringsverhalen index